Het is verboden voor de werkgever om op te zeggen:
- als dit in strijd is met het verbod om te discrimineren;
- als de werknemer een taak vervult of heeft vervuld voor de ondernemingsraad of personeelsvertegenwoordiging;
- gedurende de eerste twee jaar dat een werknemer ziek is, behalve als de werknemer ziek is geworden nadat de werkgever een ontslag vergunning heeft aangevraagd. In bepaalde gevallen kunt u wèl binnen deze eerste twee jaar uw werknemer ontslaan. Bijvoorbeeld als de werknemer volgens het UWV niet of onvoldoende meewerkt aan zijn of haar re-integratie;
- bij zwangerschap en bevalling;
- omdat de werknemer adoptieverlof, kortdurend zorgverlof of ouderschapsverlof opneemtl
- bij het vervullen van militaire dienst;
- vanwege vakbondsactiviteiten van de werknemer;
- wegens het met verlof van de werkgever bijwonen van vergaderingen van een rechtstreeks gekozen publiekrechtelijk lichaam;
- omdat de werknemer een verzoek voor aanpassing van de arbeidsduur heeft ingediend.
Uitzonderingen
De opzegverboden gelden niet als er sprake is van:
- ontslag om een dringende reden;
- beëindiging van de arbeidsovereenkomst met wederzijds goedvinden;
- beëindiging van de arbeidsovereenkomst tijdens de proeftijd;
- het aflopen van een tijdelijke arbeidsovereenkomst;
- een faillissement of sluiting van een bedrijfsonderdeel.
