De kantonrechtersformule is een rekenformule om de hoogte van de ontslagvergoeding te berekenen. De formule is niet bindend, maar in de praktijk volgen vrijwel alle kantonrechters hem.
De formule bestaat uit drie componenten die met elkaar worden vermenigvuldigd om de hoogte van de ontslagvergoeding te berekenen
Vergoeding = A x B x C
- A het aantal gewogen dienstjaren van de werknemer
- B de beloning (bruto maandsalaris
- C de correctiefactor
Wat is er veranderd op 1 januari 2009?
Volgens de kantonrechters is de arbeidsmarkt de afgelopen periode nogal veranderd. De arbeidsmarktpositie van jongeren is sterk verbeterd, ook omdat de beroepsbevolking aan het vergrijzen is. De werkloosheid is flink gedaald. De kantonrechters vonden het daarom tijd om de kantonrechtersformule aan te passen.
De kantonrechtersformule is op een aantal punten aangepast:
- wegen van dienstjaren bij het bereken van een vergoeding;
- meer aandacht voor bijzondere omstandigheden;
- meer maatwerk voor werknemers die tegen hun pensioen aan zitten;
- toepassing van de kantonrechtersformule bij korte dienstverbanden.
Wegen van dienstjaren bij het bereken van een vergoeding
Voortaan tellen gewerkte jaren op jonge leeftijd minder zwaar mee. Gewerkte jaren op oudere leeftijd tellen nog steeds zwaarder, maar de grenzen verschuiven.
- ½ maandsalaris voor elk gewerkt jaar onder de 35 jaar;
- 1 maandsalaris voor elk gewerkt jaar tussen 35 en 45 jaar;
- 1 ½ maandsalaris voor elk gewerkt jaar tussen 45 en 55 jaar;
- 2 maandsalarissen voor elk gewerkt jaar na 55 jaar.
Meer aandacht voor bijzondere omstandigheden
Er is meer ruimte gekomen om te kijken naar bijzondere omstandigheden van het geval. Juist die bijzondere omstandigheden zijn het waar het vaak om gaat in de onderhandelingen tussen werknemer en werkgever en in de rechtzaal.
De C in de rekensom wordt bepaald door vragen als:
• door wie komt het dat de verhoudingen zijn verstoord;
• is het disfunctioneren aan de werknemer te wijten of ook, en vooral aan de werkgever;
• is de werknemer niet gaan re-integreren omdat hij niet wilde of omdat de werkgever onmogelijke eisen stelde;
• heeft de werknemer al een andere baan of heeft hij er een concreet uitzicht op;
• is er iets waardoor de arbeidsmarktpositie van de werknemer afwijkt (leeftijd, opleiding, etc);
• hoe is de financiële positie van de werkgever, kan hij een vergoeding betalen?
Meer maatwerk voor werknemers die tegen hun pensioen aan zitten
Volgens de oude aanbeveling is de vergoeding voor een oudere werknemer afgetopt tot het bedrag, dat hij verdiend zou hebben als hij tot zijn pensioen had doorgewerkt. De pensioengerechtigde leeftijd stond in 1996, toen de kantonrechtersformule werd ingesteld, gelijk met 65. Tegenwoordig kan die leeftijd nogal verschillen: er is de mogelijkheid van prepensioen, er bestaat deeltijdpensioen en er ontstaan mogelijkheden om op een hogere leeftijd dan 65 met pensioen te gaan.
De kantonrechters bevelen nu aan om bij oudere werknemers goed te kijken naar de leeftijd waarop ze naar verwachting met pensioen zouden zijn gegaan als ze in dienst waren gebleven. Is hun verlies aan inkomsten als gevolg van ontbinding van de arbeidsovereenkomst minder dan de vergoeding volgens de kantonrechtersformule, dan zal de vergoeding worden bepaald op het bedrag van de inkomstenderving. De bijzondere omstandigheden (de C in de rekensom) blijven hier van belang.
Toepassing van de kantonrechtersformule bij korte dienstverbanden
De kantonrechtersformule is voortaan ook van toepassing op korte dienstverbanden. Als er sprake is van een tijdelijke arbeidsovereenkomst zonder tussentijdse mogelijkheid van opzegging is de vergoeding in principe gelijk aan het salaris over de nog resterende periode. In alle andere gevallen wordt de vergoeding op de normale manier berekend.
Maximering ontslagvergoeding
Het kabinet stemde in november 2008 in met een wetsvoorstel, waarin wordt bepaald dat de kantonrechter maximaal één jaarsalaris als vergoeding mag toekennen bij de ontbinding van de arbeidsovereenkomst van werknemers die bruto € 75.000 of meer verdienden. Alleen in bijzondere gevallen mag de kantonrechter van dat maximum afwijken.
Als het wetsvoorstel wet wordt, gaat voor deze salarisgroep het maximum van één jaarsalaris gelden.

Voor de berekening van het aantal gewogen dienstjaren wordt de diensttijd afgerond op hele jaren, waarbij een halfjaar naar beneden wordt afgerond, en een half jaar plus een dag naar boven. Als het totaal aantal afgeronde jaren vervolgens niet overeenkomt met het afgeronde totaal van jaren, wordt dat gecorrigeerd in het voordeel van de werknemer.
Voorbeeld:
Iemand heeft 1,7 jaar in de eerste categorie gewerkt, 10 jaar in de tweede en 2,7 jaar in de derde. Die getallen worden elk afgerond naar respectievelijk 2, 10 en 3 jaar. Omdat dat totaal (25) meer is dan de afronding van 1,7 + 10 + 2,7 = 24,4 (24) wordt de eerste categorie gesteld op 1 in plaats van 2.
Een calculator waar een en ander met bovenstaande rekening houdt is te vinden op
Http://Www.legalsense.nl/kanton